Goede traditie is geworden om begin mei naar Zwitserland te gaan. We kamperen met de caravan en al vele jaren doen wij dat op camping Grassi in Frutigen.
Rustige camping, ruime plekken, weinig voorzieningen dus onze leeftijdsgroep is goed vertegenwoordigd op de camping, ook omdat wij buiten de schoolvakanties gaan.
Het valt ons wel op dat wij met de caravan in de minderheid zijn op de camping, want ook hier heeft de meerderheid van de kampeerders een camper. Gelukkig zijn er ook nog enkele tentkampeerders, dat doet ons goed.
Het was dit jaar de eerste keer dat Oliver erbij was.
Met twee honden in de caravan is te doen, maar dan moet er wel een ruime voortent bij en die hebben wij gelukkig.
Onze Andersson is een ervaren kampeerder, maar voor Oliver was alles nieuw.
Hij schikte zich goed, Andersson deed heel aardig tegen hem en ook ‘s nachts ging het prima, ieder in een eigen mand. De honden dan. Wij lagen in ons eigen bed.
Het wandelen ging uitstekend, al had Oliver wel geregeld bananen in zijn oren als hij moest komen. Hij begroet mensen en andere honden altijd heel enthousiast, maar niet iedereen vindt hem leuk en dat begrijpt hij niet.
De doorloopsnelheid van het eten ligt hoog bij Oliver. Hij poept vaak en dat is lastig.
Als we gaan wandelen vanaf de camping, is het een race om hem pas na het verlaten van het campingterrein te laten ontlasten en dat lukt geregeld niet.
Ik heb altijd een poepschepje en poepzakjes bij me en die gebruik ik intensief.
Op een dag kregen beide honden last van diarree en dat werd wel een uitdaging. Bij de lokale dierenarts heb ik wat stopmiddelen opgehaald en dat had wel enig effect.
Het water heeft een grote aantrekkingskracht op beide honden. Ze gaan er graag in, maar liefst tot buikhoogte en ze drinken veel van het zuivere koude water.
Bij de caravan kan Andersson los lopen, die blijft altijd bij onze plek. Dat is bij Oliver anders. Hij moest echt aan een lange lijn en ook alleen in de voortent kon hij niet, want hij ontdekte meerdere ontsnappingsmogelijkheden.
We hebben lekker gewandeld, hadden prima weer en kijken terug op een mooie vakantie.
De lange autorit ging voorbeeldig, Oliver deed alsof hij dit al veel vaker had gedaan.
Thuis maakte onze oude hond Andersson hem duidelijk dat niet alles kan en mag.
Andersson hanteert strakke regels.
Gisteren hebben ze even samen gespeeld en gerend, dat ging Oliver aanvankelijk wat snel, maar beide honden vonden het leuk.
Oliver, in het gebruik verkort tot Olle, eet, drinkt, plast en poept goed.
Hij speelt enthousiast met alle hondenspeeltjes en wat verder voor zijn snuit komt, zoals kranten, tijdschriften, boeken, kussens, stroomdraden, kleedjes, gordijnen en zo.
Weer even wennen om het huis puppyproof te maken.
Slapen gaat goed. Ik heb op de bank geslapen de afgelopen nachten en Oliver sliep bij de bench in een mand op de grond. Onze kleinzoon slaapt nu ook zo.
Afgelopen nacht heeft hij geslapen van 12 uur tot half negen, om half vijf heeft hij even een ontlasting gehad, buiten nog wel!
Dat lukt overdag niet steeds, ondanks veel naar buiten sjouwen.
Komt nog wel.
Oliver heeft buiten kennis gemaakt met de kippen.
Hij was niet onder de indruk, keek eerst even wat dat voor beesten waren en liep er rustig naartoe.
Hij is lief, aandoenlijk aanhankelijk en eigenwijs.
Het is al bijna 5 jaar geleden dat onze Nilsson is overleden. Hij is bijna 13 jaar geworden. Hij was een heel lieve, aanhankelijke, trouwe, sociale Engelse setter. Vijf jaar was hij samen met onze Andersson. Deze naam, zo was onze grap, had Nilsson bedacht, want Andersson was geen volbloed setter, hij was 3/4 Ierse setter en 1/4 Schotse collie. En dus zei Nilsson dat hij anders was, vandaar zijn naam.
Inmiddels is Andersson bijna 10 jaar en ik vind het erg fijn om er weer een hond bij te hebben. Een Engelse setter. Ik vraag dat al enkele jaren voor mijn verjaardag en voor Sinterklaas, maar tot nu toe was M. onverbiddelijk. Zij vindt dat wij geen jonge hond meer moeten nemen. Wij moeten rekening houden met onze leeftijd, is haar belangrijkste argument.
Maar nu is ze om. Niet plotseling, want er zijn jaren overheen gegaan voor ze haar mening veranderde, maar ze vindt het nu goed!
Dankzij de goede zoekkunsten van onze oudste dochter hebben wij een nestje gevonden.
Wel een heel eind weg, in Milheeze. Dat is 205 kilometer ver weg in Brabant. Wij hebben twee weken geleden voor het eerst gekeken en vandaag weer en een keuze gemaakt. Een prachtig reutje, drie-kleur, vooral wit met rode en zwarte vlekken.
Hij vroeg het me wel, maar wou zijn verhaal duidelijk kwijt.
Het was eerste kerstdag en die viel dit jaar op zondag en ik mocht van M. wel met Andersson naar het bos, maar moest wel op tijd terug zijn voor het kerstontbijt.
Hij kwam mij achterop lopen. Zijn Ierse setter en Andersson kunnen goed met elkaar overweg.
Hij had ook in het onderwijs gezeten, we lopen wel vaker samen en praten veel. Is gezellig.
Ik zei dat vandaag een rustige dag zou worden en dat op tweede kerstdag kinderen, aanhang en kleinkinderen zouden komen.
Ik vroeg natuurlijk naar zijn plannen.
“Wij gaan dit jaar zwaaien naar de kinderen en de kleinkinderen.”
Hij zei dat hij er niet mee te koop liep, maar dat hij het mij wel kon vertellen, zelfs wel graag wou vertellen.
“Mijn vrouw is ziek. Ze heeft tien jaar geleden borstkanker gehad, is genezen verklaard, maar het is terug gekomen.”
Ze was al een tijdje niet goed. Viel af, voelde zich onrustig en was uiteindelijk toch naar de huisarts gegaan, die haar verwees naar het ziekenhuis. De internist dacht dat ze een ander dieet moest volgen, want onderzoek wees niets uit. De diëtist gaf voedingsadviezen, maar het hielp niet.
“Na maanden aanmodderen zei mijn schoonzoon, die arts is, dat hij meeging naar de internist. Er werden nu andere onderzoeken gedaan en de uitslagen waren niet goed. Op de MRI bleek ze een grote tumor van wel vijftien centimeter te hebben in haar lever.”
Ze waren kwaad geweest op de internist, werden doorgestuurd naar het Antoni van Leeuwenhoekziekenhuis en daar startte de behandeling, die bestaat uit meerdere chemokuren. “Ze wordt steeds een week opgenomen en als ze dan goed is, mag ze naar huis voor twee weken. Ze is ook al eens twee weken in het ziekenhuis moeten blijven omdat ze zo ziek was.”
Nu was ze thuis en het ging redelijk. Ze waren erg voorzichtig, want ze moest nu natuurlijk niet verkouden of grieperig worden en al helemaal mocht ze geen corona krijgen, want haar weerstand was heel beperkt.
Dit jaar dus geen familiebezoek, geen gezamenlijke kerstviering, geen kinderen en kleinkinderen die langskwamen.
“Wij hebben wat anders bedacht. Wij hebben cadeautjes voor de kleinkinderen en nu rijden wij bij hun huizen langs, ik zet de cadeaus op de stoep en dan zwaaien we naar hun vanuit de auto.”
Zo kun je dus ook kerst vieren.
“Heb jij die versierde kerstboom in het bos gezien?”
Jaarlijks zie ik die boom. In een bocht in de weg midden in het bos staat een spar waar ieder jaar kerstballen in worden gehangen. Dit jaar hingen er ook slingers in en op een boom ernaast was het pak van de kerstman vastgemaakt. Geen idee wie dat doen, maar het is altijd weer een verrassing als de boom versierd is. Na nieuwjaar is de boom ineens weer kaal.
“Die versierde boom vinden mijn vrouw en ik altijd zo mooi en wij hebben er ook wel eens een kerstbal ingehangen. Ieder jaar kijken we ernaar uit dat hij weer in kerstsfeer is gebracht. Voordat wij vanmiddag gaan zwaaien, rijden we eerst even langs deze kerstboom. Zolang er ieder jaar kerstversieringen inhangen, komt het goed!”
We kwamen aan het eind van onze wandeling en namen afscheid.
Volgend jaar hang ik ook een kerstbal in die boom in het bos.